+31 (0)71-4017246

  • Vezels

Technische vezels voor de versterking van uw epoxy, polyurethaan, polyester of vinylester matrix.

Scabro levert alle soorten vezels; van basalt tot vlasvezel en van weefsels en legsels tot tow en prepregs. Of u nu een scherpe prijs zoekt voor tonnen glasvezel of het meest nauwkeurig geweven 92 grams 1k carbon weefsel; u bent bij ons aan het juiste adres!

Weefwijze

Weefsels zijn stoffen die verkregen worden door het dooreen vlechten van inslagdraden en kettingdraden.
Kettingdraden zijn draden die opgespannen worden op het weefgetouw. Inslagdraden zijn de draden die loodrecht op de kettingdraden lopen en die we op en neer tussen de kettingdraden vlechten. Dit doorelkaar vlechten van ketting- en inslagdraden kan op zeer vele wijzen gebeuren, dit is niet willekeurig, maar volgens bepaalde wetmatigheden. De binding van een weefsel is de wijze waarop de draden ervan doorelkaar gevlochten zijn. Als een wever een weefsel wil maken, dan kiest hij ketting- en inslagdraden: welke grondstof, kleur en dikte. Hij kiest hoe dicht de draden bij elkaar moeten liggen (‘kettingdichtheid’ uitgedrukt in draden per cm).
Als hij de draden dan gewoon opeenvolgend op 4 (of op 2) schachten doorhaalt en hij beweegt tijdens het weven afwisselend de pare en onpare schachten, dan krijgt hij een gewoon rechttoe rechtaan weefsel. Hij maakt dan een weefsel in de eenvoudigste ‘binding’: nl linnenbinding of plain. D.w.z. de inslag gaat afwisselend over een kettingdraad en onder een kettingdraad, de tweede inslag werkt tegenovergesteld t.o.v. de eerste. Met 4 schachten op een weefgetouw kan hij de kettingdraden in een andere volgorde doorhalen en kan hij de schachten in een andere volgorde bewegen tijdens het weven. De tweede weefwijze Keper slaat 2 tot 3 draden over, Satijn weefsels tot 7 draden per keer. Dit maakt dat deze weefsels zeer gemakkelijk te draperen zijn op de mal, maar ze zijn moeilijker te snijden. Satijn weefsels geven een zeer glad oppervlak als einderesultaat.

Vierkant weefsel

  • Each warp fibre passes alternatively under and over each weft fibre. (Difficult to drape and high crimp impacts low mechanical properties).

Keper weefsel

  • One or more warp fibres alternatively weave over and under two or more weft fibres in a regular repeated manner. This produces diagonal rib.
  • Superior wet out and drape, over plain, with only a small reduction in stability.
  • Reduced crimp gives smoother surface and high mechanicals.

Satijn weefsel

  • Twill weaves modified to produce fewer intersections of warp and weft. The harness (4, 5 & 8) is the total number of fibres crossed and passed over before the fibre repeats the pattern.
  • Satin weaves are very flat, have good wet out and a high degree of drape. Low crimp gives good mechanicals. Satin weave allows fibre to be woven in the closest proximity and produces fabrics with tight weave.
  • The style has low stability and asymmetry needs to be considered. The asymmetry causes one face of the fabric to have fabric running predominantly in the warp direction, with the other in the weft. Care must be taken when assembling multi layers to ensure that stresses are not built into the component through this effect.

Applications

Where there is a clear requirement for strength and/or stiffness in a specific orientation of the laminate.

Important features:

Stitched unidirectionals offer good resin permeability and drape characteristics. Hot-melt woven unidirectionals are easy to handle and cut. Laid-scrim unidirectionals optimise the mechanical performance of the fibres.

BIAXIAL (0º/90º)

Applications

Used in similar applications to woven rovings, offering improved laminate performance - increased tensile and flexural strength, less weight and improved surface finish (less print-through).

Important features

The straight, uncrimped fibres optimise the performance of the laminate. Improved resistance to fatigue and impact. Quicker and easier to wet-out than wovens. The fabrics remain intact even when cut. Unbalanced or biased 0º/90º fabrics are available when there is a requirement for more fibre in one of the directions of the fabric.

BIAXIAL (+45º/-45º)

Applications

When torsional strength and/or shear resistance is required, or when fabrics need to have good conformability.

Important features:

Available as high drape (HD) for difficult shapes. Available as stabilized (ST) for stability. Adds torsional strength and stiffness to tubular and rectangular structures. Increases shear strength over frames in boat hulls. Ideal for secondary bonding as the load is shared by both axis. Excellent fibre coverage minimizes print-through.

TRIAXIALS (0º/-45º/+45º) and (-45º/90/º+45)

Applications

To increase torsional rigidity in combination with longitudinal (0،/±45،) or transverse (-45،/90،/+45،) strength.

Important features:

Used for long & tubular structures such as rotor-blades or girders. Heavyweight fabrics reduce the amount of layers needed. Ratio of 0، (or 90،) to ±45، is variable 50:50 is typical.

QUADAXIALS (0º/-45º/90º/+45º)

Applications

Quadaxials are quasi-isotropic offering strength in all 4 directions.

Important features:

The optimum composite reinforcement for designing strength in all directions. Excellent for spread-pressure applications such as boat hulls or pressure vessels. For putting down as much reinforcement as possible in one layer up to 2.4 Kg/m2. Ideal in blast and ballistic protection applications. Straight fibres in 4 directions allow resin to flow unhindered in 8 directions.

 

Read More